Home <— Leids Patriciaat

Previous PageHome PageNext Page

HEER PHILIPS ERMEGARDENZ. C.S.

HEER PHILIPS ERMEGARDENZ. C.S.

I. JAN MEYNSEN

1. Philips Ermegardenz.

2. Heer Nicolaas;

3. mr. Thomas (Dammas Jansz.)

4. Heer Wit Jan alias Jan Meysenz.

5. Elisabeth

6. Alijd Zoeten


HEER PHILIPS ERMEGARDENZ. C.S.

I. JAN MEYNSEN

(Ke. 418 f. 73).

tr. Ermgard (Ke. 415 f. 37).

kinderen:

1. Philips Ermegardenz.

ovl. 29 juni 1372, begr. St. Pancraskerk (Ke. 415 f. 37).

functie:

priester (Ke. 415 f. 31), kanunnik van St. Pancras 1369-1372 (med. Leverland).

woonhuis:

St. Pietersparochie, nabij het Gravensteen, in de straat die leidde naar de stadsmuur. Hierop liet hij 2 £ pay. rente na voor memoriediensten, t.b.v. St. Pancraskerk; deze rente werd door zijn erfgenamen afgekocht met 20 £ pay. (Ke. 415 f. 37).

familie:

bastaardzoon:

a. Jan Roesche

werd 16 okt. 1369 Leids poorter met 12 £, zonder borg (Secr. 19 f. 21).

2. Heer Nicolaas;

priester (Ke. 415 f. 37).

3. mr. Thomas (Dammas Jansz.)

(Ke. 415 f. 37).

functie:

schepen 1324-25, 28-29, 30-31.

4. Heer Wit Jan alias Jan Meysenz.

(vergl. Ke. 493 f. 87 en NH. Kerkvoogdij 2031 f. 7v.).

ovl. 24 juli 1370 (Ke. 415 f. 31).

functie:

priester, pastoor van Koudekerk a.d. Rijn verm. 13 dec. 1333 (NH. Kerkvoogdij 2031 f. 7 e.v.), vicaris van een van heer Pieter van Leydens vicarieën verm. ca. 1326-30 en 13 dec. 1333 (Ke. 493 f. 87, NH. Kerkvoogdij 2031 f. 7v.).

huisbezit:

een huis en erf bij de Oude Rijn, verm. 25 apr. 1363 (Ga. 455 f. 14v.). Betaalde 1363 4 s. hofstedehuur te Leiden aan de graaf (GvH. 19 f. 11v.).

rentebezit:

1 £ pay. op een huis en erf aan de Breestraat, vermaakt aan St. Pancraskerk voor memoriediensten (Ke. 415 f. 31).

landbezit:

* 2 morgen land aan de Doeswetering bij de sluis [sic?] te Leiderdorp.

* 2½ morgen land aan de Vliet bij de Grote Weyde te Zoeterwoude; genoemd land droeg hij over aan zijn vicarie (Ke. 420 f. 33).

stichting:

vicarie van St. Jan Baptist in St. Pancraskerk (Ke. 420 f. 33, 493 tussen f. 60 en 61).

varia:

trad 13 dec. 1333 op als een der executeurs-test. van heer Pieter van Leyden (NH. Kerkvoogdij 2031 f. 7).

familie:

dat hij een zoon was van Jan Meysenz. en Ermgard valt af te leiden uit het volgende: hij droeg het patronym Jan Meysenz., de kinderen van Zeger en Elisabeth Ermegardendr. alsmede Wolbrand Hugenz. noemen hem oom (Ke. 420 f. 33, zie Dammas Zegersz. c.s. en Huge Wolbrandsz.) en een rente die hij aan St. Pancraskerk vermaakte kwam via heer Philips Ermegardenz. in handen van die kerk (415 f. 31). Het is opvallend dat heer Jan behalve voor zichzelf tevens memoriediensten besprak voor heer Jan Rutgersz. van Leyden (Ke. 415 f. 31). Bekleedde hij soms de door deze in 1331 gestichte vicarie van St. Jan Baptist in St. Pieterskerk? (ook de vicarie die hijzelf stichtte was aan deze gewijd). Gezien het feit dat heer Jan een vicarie gesticht door heer Pieter van Leyden bekleedde, moet hij tot diens verwanten hebben behoord (Ke. 322 f. 1 e.v.).

5. Elisabeth

(Ke. 415 f. 37)

ovl. voor 18 aug. 1369, begr. St. Pancraskerk (Ke. 415 f. 25); tr. Zeger (zie Dammas Zegersz. c.s.).

6. Alijd Zoeten

(Ke. 415 f. 37).


Previous PageTop Of PageNext Page

Auteur Fred van Kan
Publicatie Het Leidse Patriciaat
Home www.janvanhout.nl