Home <— Leids Patriciaat

Previous PageHome PageNext Page

SMEDER

SMEDER

I. JAN DIE SMEDER

1. Willem Smeder, volgt II.

2. Dirk Smedersz.

3. Katrine

II. WILLEM SMEDER


SMEDER

I. JAN DIE SMEDER

ovl. tussen 12 mrt. 1363 en 16 juni 1366 (W. 428 f. 28v.; GvH. 226 f. 77v.).

functies:

grfl. deurwaarder, klerk van den bloede en roedrager sinds 1338; 1340 verm. als grfl. knaap; sedert 1342 (meester)knaap van de herberg; meesterknaap van Willem V 1358 (zie hfdst. 6).

huisbezit:

een huis en erf aan de Vollersgracht, boomgaardzijde, vestigde hierop 12 mrt. 1363 t.b.v. de H. Geest 3 £ g.g. rente, voor de 40 £ g.g. die zijn vrouw Machteld de H. Geest had vermaakt voor memoriediensten (W. 428 f. 28v.).

landbezit:

* 18 apr. 1344 14 morgen land te Leiderdorp, grfl. leen (d.w.z. pachtland van St. Maartenskerk te Utrecht; GvH. 244 f. 60).

* 18 apr. 1344 4 morgen land te Koudekerk, grfl. leen (ibidem).

* land te Rhoon (later 22 morgen) waarop zijn vader woonde, uit eigen 31 juli 1338 aan de graaf opgedragen en in leen ontvangen (GvH. 244 f. 60v.).

* land te Rhoon (Rughe Voetsghatswere), grenzend aan het voornoemde, verm. 31 juli 1338 (ibidem).

* 1358 104 morgen land te Zoeterwoude, Polaans leen (Nass. Dom. 6461 (44) f. 336).

rentebezit:

31 juli 1338 15 £ g.g. uit het rentmeesterschap van Noord-Holland, grfl. leen, samen met zijn vrouw ontvangen; zij verkregen 14 juni 1340 het voorrecht dat deze rente op zoons of dochters mocht vererven (GvH. 218 f. 22v.; 244 f. 60v.).

* 40 s.g.g. (d.w.z. 1/3 van een som van 80 £ g.g. op het huis en erf van mr. Pieter Michielsz. aan de Hooigracht, vermaakt aan de H. Geest als zijnde 1/3 van 80 £ g.g. (W. 428 f. 40).

varia:

ontving 22 dec. 1354 grfl. amnestie, opnieuw 4 jan. 1355; kreeg zijn goed terug (GvH. 222 f. 32 en v.; Brokken, Hoekse en Kabeljauwse twisten, 576 nr. 3 en 591).

familie:

bezegelde 19 mrt. 1349 de kapelanieuitbreiding door Gerrit Alewijnsz. en werd door deze neef genoemd (Ke. 322 f. 4). tr. Machteld Dirksdr., ovl. na 14 juni 1340 (GvH. 244 f. 60v.).

kinderen:

1. Willem Smeder, volgt II.

2. Dirk Smedersz.

(Ga. 440 f. 7).

ovl. 21 okt. 1401 (Ke. 416 f. 15).

rentebezit:

* 6 juni 1371 5 £ g.g. op 7 morgen land te Wassenaar, 16 aug. 1390 overgedragen aan St. Pancraskapittel voor memoriediensten, op voorwaarde dat zij het vruchtgebruik behielden en na de dood van een van hen de overblijvende de helft daarvan (Ke. 416 f. 14v.-15).

* 2 juli 1377 4 £ g.g. op 3 morgen land te Wassenaar, door zijn weduwe 8 mrt. 1403 geschonken aan St. Catharinagasthuis, onder voorwaarde van jaarlijkse uitreiking van 40 s.pay. aan het O.L.V. gasthuis (Ga. 455 f. 59 en v.).

* 13 juni 1378 30 s. op een huis en erf te Leiden, 1390 aan de H. Geest overgedragen (W. 428 f. 65v.).

familie:

tr. Hasekijn, ovl. 22 sep. 1409 (Ke. 416 f. 15).

kinderen:

a. Jan Smeer

clericus (Ke. 416 f. 7).

b. Bartraad

ovl. 14 juli 1386; tr. Jonge Griemer (Ke. 416 f. 7).

3. Katrine

(Ga. 440 f. 7).

II. WILLEM SMEDER

ovl. tussen 17 mrt. 1389 en 18 juli 1391 (Ga. 455 f. 52v. en 23).

functies:

schout 1372-73 en 1389; schepen 1386-87; burgemr. 1387-88; schout van Hazerswoude 1385-86 (GvH. 1873 f. 4). Gravin Margaretha van Henegouwen beloofde hem het eerst vrijkomende schroodambt alsmede de zoutmaat te Dordrecht toe te kennen; dit bevestigde hertog Albrecht 3 mrt. 1369 (GvH. 226 f. 29).

landbezit:

* een uiterdijk van 4 morgen land in de Leidse vrijheid naast Dirc Wijssenland; 25 mei 1387 verkocht tegen 35 s.pay. rente (Ga. 455 f. 51v.).

* Willem Smedershofstad te Warmond (Hoek, 'Wassenaar', 133).

* Willem Smedershoek onder Zoeterwoude; werd 16 feb. 1373 door de burggraaf beleend met een paar zwanen ald. (Hoek, 'Wassenaar', 641, vgl. voor de ligging de belending aan heer Wouterserf, d.i. Cronesteyn).

* 13 okt. 1364 10 morgen land, de Scaepweyde, te Rijswijk, grfl. leen, 4 juni 1385 opgedragen ter belening van een ander (GvH. 226 f. 86v. en 229).

* 4 morgen 1½ hond 13 gaard land tussen Rijn en Burmade te Zoeter- en Hazerswoude, gemene voor gelegen met land van Dirk Smeder, zijn broer, Gerrit van Oestgeest en Aarnd Jacobsz.; voor 20 dec. 1369 verkocht aan Jan Gode (Zegersz.; Ke. 493 f. 35v.-36).

* 16 juni 1366 22 morgen en een ½ huis met hofstede te Rhoon, grfl. leen, afkomstig van zijn vader (GvH. 226 f. 97v.).

* 16 juni 1366 14 morgen land te Leiderdorp en 4 morgen te Koudekerk, grfl. lenen, afkomstig van zijn vader; kreeg 31 jan. 1376 toestemming tot verkoop ten vrij eigen (GvH. 226 f. 97v.).

* 3½ morgen land te Leiderdorp, leen van de Utrechtse domproostdij (Hoek, 'Domproostdij', 4).

* 104 morgen land te Zoeterwoude, Polaans leen, afkomstig van zijn vader (Nass. Dom. 6461 (44) f. 336); verloor dit goed door leenverzuim jegens de graaf van zijn leenheer, kocht het leen ten eigen na grfl. uitspraak d.d. 25 juli 1389 (Van Mieris, Groot Charterboek, III 532).

rentebezit:

* 16 juni 1366 15 £ g.g. uit de renten van Noord-Holland, grfl. leen, afkomstig van zijn ouders (GvH. 226 f. 97v.).

* 25 mei 1387 35 s.pay. op een uiterdijk van 4 morgen land naast Dirc Wijssenland in de Leidse vrijheid; de ½ rente droeg zijn weduwe 1 sep. 1400 over aan St. Catharinagasthuis (Ga. 455 f. 52).

* 17 mrt. 1389 2 s. 3 p. 1 hallinc pay. pandrente, 1 sep. 1400 door zijn weduwe overgedragen aan St. Catharinagasthuis (Ga. 455 f. 52v.-53).

borgstelling:

* 23 apr. 1370 Dirk van Zijl (Secr. 19 f. 21v.).

* 21 nov. 1384 Jan Wissenz. (Secr. 19 f. 65v.).

varia:

zegel: een gedeeld schild, in de bovenste helft een halve leeuw, onder effen (Ke. 537, 27 feb. 1387). Leende de burggraaf 6 aug. 1372 200 oude Franse schilden, wrsch. op het schoutambt (Huisarch. Twickel, Reg. AA f. 55). Pachter van het grfl. deel van de Rijn 1378 (GvH. 1458 f. 7). Pachtte 1386 de tiende van Zoeter- en Gelderswoude, 1387 die van Zoeterwoude, 1388 die van Koudekerk (GvH. 1465 f. 5v., 1466 f. 5, 1467 f. 4v.).

familie:

neef van Jan Heinenz.; droeg met deze 5 jan. 1386 renten over aan de H. Geest voor de memorie van Gijsbrecht Jan Mansz. en diens echtgenote en Simon Frankenz. (W. 428 f. 57v.-58). Door de burggraaf 16 feb. 1373 minen zwagher genoemd (Huisarch. Twickel, Reg. AA f. 35v.). tr. Katrijn, dr. van Gijsbrecht Florisz. (zie ald.).


Previous PageTop Of PageNext Page

Auteur Fred van Kan
Publicatie Het Leidse Patriciaat
Home www.janvanhout.nl